Campbelli dwerghamster

De Campbelli dwerghamster is door Thomas in 1905 voor het eerst beschreven. De soort is genoemd naar de ontdekker de heer C.W. Campbelli. Eerst dacht men dat het om een ondersoort ging van de Russische dwerghamsters. De latijnse naam van de Campbelli dwerghamster was Phodopus sungorus campbelli en die van de Russische dwerghamster Phodups sungorus sungorus.

Vanaf 1984 zien de wetenschappers de Campbelli dwerghamster niet meer als ondersoort, maar als een aparte soort. Dit is onder andere gebaseerd op een in 1967 gedaande onderzoek naar de genetische verschillen tussen de Campbelli dwerghamster en de Russische dwerghamster. Russische wetenschappers hadden toen het DNA van de twee soorten met elkaar vergeleken en concludeerden dat er grote verschillen zijn in het geslachtschromosoom. Zo ligt het mannelijke Y-chromosoom op een ander positie en zijn bij de Campbelli dwerghamster twee soorten X-chromosomen waarvan één lijkt op het X-chromosoom van de Russische dwerghamster. Omdat alle onderzoeken in het Russisch geschreven waren, was het pas 1982 dat de westernse wetenschappers het gingen realiseren en in 1984 zijn de Latijnse naam gewijzigd in Phodopus campbelli en Phodupus sungorus (bron: zie pdf-document).

Toch is het mogelijk om de twee soorten onderling te kruisen, echter dit is sterk af te raden. Genetisch gezien sluit het namelijk niet aan. En wanneer iemand een Russisch dwerghamster vrouwtje laat dekken met een Campbelli dwerghamster mannetje, kan het vrouwtje niet van de jongen afkomen met alle consequenties van dien. Andersom kan het soms succesvol zijn, maar de meeste exemplaren zijn niet vruchtbaar.

Niet alle Campbelli dwerghamsters zien hetzelfde uit. Tussen de Campbelli's uit verschillende regio's zitten grote verschillen. Zo zijn de Campbelli dwerghamsters in het Altai gebied heel erg grijs van kleur en de Campbelli dwerghamsters in Mongolië heel erg bruin met veel gele pigmenten. Ook zijn er verschillen in grootte, oorvorm, kopvorm en zelfs hoe ze ruiken. Maar ook qua karakter zitten er grote verschillen. Dit heeft voornamelijk te maken met de natuurlijke vijanden die in hun leefgebied het meest voorkomen.

De Campbelli dwerghamster wordt ook wel Djoengaarse hamster genoemd, vooral in oude wetenschappelijke onderzoeken. De naam Djoengaarse dwerghamster is verraderlijk omdat deze naam voor zowel de Campbelli dwerghamster als voor de Russische dwerghamster gebruikt wordt. Daarom wordt deze naam bijna nooit meer gebruikt.

In 1983 zijn de eerste Campbelli's in Nederland gekomen. Ze zijn door Floor van Hoek via een handelaar uit West-Duitsland naar Nederland gehaald. Ze droegen metalen oorkenmerken en het vermoeden bestaat groot dat ze uit een wetenschappelijk instituut komen. Later in 1984 is door Sandy Kleerekoper een aantal Campbelli dwerghamsters uit Engeland gehaald. In Engeland werden de eerste Campbelli dwerghamsters in 1963 in een dierentuin gehouden. Begin jaren '70 werden ze in Engeland voor het eerst als huisdieren gehouden en gefokt. In Amerika zijn in begin jaren '80 de eerste Campbelli's geïntroduceerd.

Het duurde niet lang voordat de eerste kleurmutaties in Nederland kwamen. Eind jaren tachtig zijn de Albino en de Argent naar Nederland gekomen. Hier gingen om exemplaren die agressiever waren dan de wildkleur variant. Vooral de argenten waren zo agressief dat wanneer een hand boven de kooi hing, ze richting de hand sprongen om te bijten. Hierdoor hebben ze in Nederland een hele slechte naam gekregen en willen de meeste dierenwinkels geen Campbelli dwerghamsters meer verkopen. Later ontstond in Nederland de zwarte kleur en door te combineren met de argente kleur werd al snel de kleur Dove gefokt. Daarna kwamen de verschillende kleuren en mutaties naar Nederland zoals Platinum, Black-eyed argente, Moscow, Satijn en Umbrous.

Fokkers hebben heel veel op karakter geselecteerd en de huidige generatie Campbelli's zijn minder bijteriger. Ook de door mij geïntroduceerde Campbelli dwerghamsters afkomstig uit Altai regio zijn qua karakter beter. Ze verdedigen minder hun territorium, vooral als ze in kleine groepjes gehouden worden. Want dan wordt er sneller gedacht dat de ander wel op de vijanden let. Dit is ook de reden dat het voor kan komen dat exemplaren in een dierenwinkel heel lief zijn en bij aanschaf van één exemplaar het gedrag later wat agressiever is. In alle gevallen is het wel zo dat de Campbelli dwerghamster buiten de kooi heel lief en tam is. Ze bijten voornamelijk in hun eigen kooi.
Campbelli dwerghamster, de kleur zoals ze in het wild hebben

Chromosomen / genotype

Campbelli dwerghamster zijn in vele kleuren en smaken te verkijgen Campbelli dwerghamster in een zwarte kleur Zoals ze in Mongolië uitzien

De Campbelli's leven in het steppengebied van de Altai (= een gebertge in het grensgebied van Rusland, Kazakhstan, Mongolië en China), Tuva, Noord-Mongolië, Noord-China en Mantsoerije. De Campbelli's leven niet in hetzelfde gebied als de Russische dwerghamster. Op de onderstaande landkaart gemaakt in 1967 is het leefgebied weergegeven.

In Nederland is de Campbelli dwerghamster ten opzichte van de Russische dwerghamster in minderheid. Voornamelijk omdat het karakter van de Campbelli dwerghamster assertiever is. De Russische dwerghamster komt qua karakter liever over. Dit omdat hij qua karakter veel banger is. In Amerika was dit andersom. Daar werden hoofdzakelijk Campbelli dwerghamsters gehouden en waren daar de Campbelli's liever. Maar door de commercie en import van hamsters is dit in de jaren 2007-2010 heel snel gewijzigd en worden daar nu veel hybride dwerghamsters verkocht en gehouden.



( van )

( van )

De wetenschapper Helen E. Pogosianz uit Moskou heeft de Campbelli dwerghamster in de wetenschappelijke wereld geïntroduceerd. In 1965 begon zij met twee mannetjes en één vrouwtje welke F3 van wildvang afstammen, gevangen in Tuva, Siberië. Ze werden gehouden op de Royal Holloway College of the Gamaleya Insitute for Epidemiology and Microbiology. In 1979 trad bij haar de pink-eyed dilution mutatie op. Deze mutatie kennen wij onder de naam Geel-wildkleur of Argente.

De Campbelli dwerghamster kan heel goed alleen gehouden worden. Maar je kan ze ook redelijk goed in kleine groepjes houden. Het zijn namelijk groepsdieren en in de natuur leven ze niet solitair. Binnen de groep bestaat een bepaalde rangorde. Bij het bepalen en herbepalen van deze rangordes kunnen ruzies en gevechten ontstaan. Binnen een groep bestaande uit jonge en oude dieren kan dit gemakkelijk gebeuren. Wanneer "de baas" wat ouder en zwakker wordt kan het voorkomen dat jonge exemplaren de oude exemplaren niet meer tollereren. Ook wanneer de groep te groot is of te groot gaat worden, kunnen er gevechten optreden die tot de dood volgt. Er kan ook kanibalisme optreden wanneer er nieuwe jongen geboren worden en de groep te groot is ten opzichte van de kooigrootte.. Daarom wordt bij de aanschaf van een Campbelli dwerghamster als huisdier bijna altijd geadviseerd om slechts één per kooi te nemen. Dan loop je totaal geen risicio dat het mis gaat. Veel fokkers fokken ze koppelgewijs of in trio's. Een kleine groep in wat groter kooi kan ook, maar dan zie je vaak dat de nestaantallen wat kleiner zijn.


Campbelli dwerghamster die van wildlijn afstamt gevangen bij de Altai gebergte.